Auteursarchief: Olaf

WordPress, wat kan ik er mee?

WordPress is ongetwijfeld één van de snelstgroeiende webpakketten van dit moment. Maar als je dan besloten hebt om met WordPress je website te maken, waar moet je dan op letten? In deze blog een paar vragen voor starters.

Wat is WordPress? WordPress is een programma waarmee je zelf een website kunt maken. Er zijn twee soorten WordPress: een online- en een downloadversie. Voor de workshop van make your site zullen wij ons richten op de onlineversie, die je vind op wordpress.com. Je kunt daar redelijk eenvoudig een account aanmaken en je eerste blog plaatsen. De onlineversie van WordPress werkt met een paar honderd zogenaamde templates, dat zijn half afgebouwde basissites die je op een aantal punten kunt en moet aanpassen. Bij de ene template kun je meer aanpassen dan bij de ander. De downloadversie vind je op wordpress.org.

Kan ik met WordPress alleen bloggen? Met WordPress maak je eigenlijk een website die zich kenmerkt door een redelijk makkelijk toegankelijke inhoud. Ook al heb je de site niet zelf gebouwd, je kunt toch relatief makkelijk teksten aanpassen en hele pagina’s toevoegen. Je hoeft dus niet te bloggen, het regelmatig plaatsen van vakteksten of opinies. Je kunt er dus ook je website mee (laten) bouwen.

Wat maakt WordPress anders dan een ‘normale’ website? WordPress is zo populair omdat deze door de gebruikers eenvoudig is bij te houden en aan te passen. Dat doe je door de CMS, het Content Management Systeem. Dus een pagina toevoegen, weghalen of verplaatsten gaat heel eenvoudig. En natuurlijk, WordPress is van huis uit een blogtool. Dus als je regelmatig berichten (posts) plaatst over je vak, hobby’s of andere onderwerpen, dan maakt WordPress je het wel heel gemakkelijk. Tekst, foto’s en video zijn snel te plaatsen.

Bovendien kent WordPress heel veel templates. De meesten kosteloos, al stellen de makers van het ontwerp wel een vrijwillige bijdrage op prijs. Die templates kun je over het algemeen vrij eenvoudig via een interface (een schil rond de gecodeerde pagina’s) naar je smaak inrichten. Voor de echte designers is WordPress niet de meest ideale tool. Alles is aan te passen, ook de templates, maar het vergt wel wat meer kennis dan bij de gebruikelijke HTML-sites. Overigens kent WordPress ook veel design-templates, al moet daar vaak wel een (gering) bedrag voor worden betaald.

WordPress: wanneer wel gebruiken? Natuurlijk. Als je gaat bloggen, zou ik je zeker WordPress aanbevelen (al zijn er genoeg alternatieven). Maar ook voor het (laten) bouwen van een website in WordPress zijn er argumenten. Zo kan een site in WordPress eenvoudig met social media worden geïntegreerd. Dus als je website onderdeel is van een veel bredere online communicatie, kan WordPress een goede keuze zijn. Ook als je zonder een extra te bouwen systeem (CMS) makkelijk je website wilt aan kunnen passen, kan WordPress een oplossing zijn.

Ook werkt WordPress met veel zogenaamde Widgets. Dat zijn kleine handige programmaatjes die je met een kleine handeling in je website kunt plaatsen. Denk bijvoorbeeld aan het zichtbaar maken van je Twitteraccount.

Kortom… WordPress is een hoogwaardig en eenvoudig systeem, waarmee je met behulp van templates je eigen website kunt maken. Er zijn veel verschillende templates, zodat je je website naar smaak kunt inrichten. Bovendien ben je niet meer afhankelijk van een webdesigner, omdat je zelf je website kunt onderhouden.

bron: onlineatwork

10 Tips voor een communicatieplan

10 Tips voor een communicatieplan

De website: we konden niet zonder
Sinds het ontstaan van internet als netwerk voor particuliere communicatie is het netwerk op één lijn gesteld met de website. Immers waaraan kon je ‘het internet’ herkennen, toch alleen aan een website. Een plaatje en een praatje dat samen een gezicht gaven aan dat wonder dat het World Wide Web ging heten. En natuurlijk; e-mail. Maar dat was het internet voor de doorsnee gebruiker wel. De laatste jaren wordt het internet opnieuw gedefinieerd. Met de komst van social media lijkt een omkering van de communicatierichting plaats te vinden: de ontvanger gaat niet meer naar je website toe, je moet nu naar de ontvanger toe.
Een communicatieplan in tien stappen.

Tip 1 Kies je passiegroep
Het begrip ‘doelgroep’ is aan het vervagen: een typische marketingterm. Maar steeds meer ondernemers willen klanten die bij hen passen, waar een klik mee is. Hoe meer klik, hoe groter de kans op passende diensten voor bij jou passende klanten. Vergeet het zoeken naar je doelgroep, zoek je passiegroep.

Tip 2 Communiceren doe je persoonlijk én zakelijk
Voor veel ondernemers en ondernemingen een punt van discussie: communiceer je persoonlijk of zakelijk. Ik zou zeggen beide, maar verwar persoonlijk niet met privé. Mensen doen zaken met mensen. Steeds vaker ontstaat eerst de klik, dan de vraag wat gaan we doen?

Tip 3 Communiceren doe je overal, vooral online
Natuurlijk is een basiswebsite nog steeds van belang. Maar maak ook een LinkedIn-profiel aan, kijk gerust eens rond op Twitter en overweeg een Facebook-account. Ze hebben alleen een andere sfeer en bereik. Probeer eens uit waar jouw passiegroep rondhangt, wat hen (en jou) boeit en haak aan.

Tip 4 Doe gewoon zoals je bent
Veel (startende) ondernemers vragen zich af hoe zij zich moeten presenteren. Een terechte vraag als je als eerste je doelgroep zou hebben bepaald en je dan gaat afvragen hoe je die je het best tegemoet kunt treden. Maar kies je je passiegroep, wordt het een stuk eenvoudiger: gewoon jezelf blijven: offline en dus ook online.

Tip 5 Communiceren is een retourtje
Maar als je op de diverse social media actief bent, dan is het nog zaak echt te communiceren. Het gaat dus om het lezen van berichten, er op reageren met tips of advies. En uiteraard, je weet zelf ook niet alles. Stel regelmatig bijvoorbeeld via Twitter je vraag. Dat brengt je in contact en jouw profiel, persoonlijk en zakelijk, bouwt zich dan vanzelf op.

Tip 6 Geduld. Online reputatie moet groeien
Met het aanmaken van een Twitteraccount of een Facebookpagina ben je er nog niet. Dan is het bijhouden geblazen. Door het totaal van je communicatie, je reacties op anderen, je geplaatste berichten, ontstaat bij je volgers een beeld. Langzaam, maar zeker. Zonder PR-plan, maar gewoon een weerslag van wie je bent en waar je voor staat.

Tip 7 Verwar persoonlijk niet met privé
Je kunt je communicatie indelen in zakelijk, persoonlijk en privé. Het zakelijke deel is duidelijk: het gaat over je business, je diensten of producten. Het persoonlijke deel is dat wat je bezighoudt, hoe kijk je tegen bepaalde onderwerpen aan? Deze informatie geven je een gezicht, maken je onderscheidend. Privé hou je lekker voor jezelf. Hoort misschien niet eens thuis op internet.

Tip 8 Communiceren is ook vooral waarnemen
Zeker. Social media zijn goedkope zendkanalen. Maar er zijn ook nog mooie manieren om eens te bekijken wat er in je vak gebeurt, wat daarover wordt geschreven en wellicht wat er over jou wordt geschreven. Zoek eens binnen twitter, weblogs, presentaties (op SlideShare) en op Twitter. Je webbezoek bijhouden kan je helpen bij het meten van effect van bepaalde acties.

Tip 9 Het is halen en brengen
Eigenlijk is een effectieve online communicatie niet goed mogelijk zonder de instelling om te brengen of beter benoemd: delen. Dat delen kan van alles zijn: kennis, tips, concrete hulp, je netwerk openstellen. Als je alles voor jezelf wilt houden, is dit niet je tijd en online niet je plek om zaken te doen.

Tip 10 Communiceer online met een glimlach
Het is makkelijk om online in discussie te gaan: veilig, zonder (non-)verbale signalen, ‘lekker knallen’. Maar de escalatie is vrijwel onvermijdelijk. Met afkoppelen of ‘ontvrienden’ als gevolg. Weersta de verleiding, hou het leuk. Wil je toch een scherpe ‘observatie’ kwijt doe het dan via DM (Twitter), maar beter nog maak een afspraak voor een gesprek.

bron: onlineatwork